Ik zoek een stedebouwkundige of planoloog Meer informatie


De Omgevallen Boekenkast | Robert

24 januari 2022 Blog
Door Tjerk Ruimschotel

Als voorbereiding op een recent, corona-technisch misschien niet geheel handig, bezoek aan onze dochter, schoonzoon en kleinkind in New York had ik uit de boekenkast The Death and Life of Great American Cities (Jane Jacobs), The Power Broker; Robert Moses and the Fall of New York (Robert Caro) en Delirious New York: A Retroactive Manifesto for Manhattan (Rem Koolhaas) gehaald en op de werktafel gelegd.

Na deze, ooit uitgebreid bestudeerde, iconische boekwerken uit respectievelijk in 1961, 1974 en 1978 weer eens doorgebladerd te hebben besloot ik ze toch niet mee te nemen. In mijn handbagage beperkte ik me tot het door Hilary Ballon en Kenneth Jackson in 2007 geredigeerde Robert Moses and The Modern City; the Transformation of New York.

Per slot had ik het nog onvoldoende doorgenomen terwijl erin nog wel een begin gemaakt wordt met de omvattende catalogus van de vele zwembaden, stranden, buurtparken en speelplaatsen, stadsparken, snelwegen en bruggen die door deze ambtelijke ‘Modern-day Haussmann’ zijn gerealiseerd. Verder wordt in dit boek, verschenen ter gelegenheid van een drietal tentoonstellingen in New York over het werk van Robert Moses (1888-1981), geprobeerd een wat genuanceerder beeld te schetsen dan uit het imposante (1.162 pagina’s tekst, 70 pagina’s noten) maar ook wel sterk gekleurde werk van Robert Caro (1935) naar voren kwam. Dat het nodig is de weerkerende urbane mythes rond Moses die op het werk van Caro gebaseerd lijken te zijn te ontmaskeren, bleek meteen al uit de film die ik op de heenreis in het vliegtuig zag.

Motherless Brooklyn (2019) is gebaseerd op het gelijknamige boek  van Jonathan Letham uit 1999, maar door Edward Norton (script, regie én titelrol) volledig veranderd qua tijd en plot. Alleen New York als decor en de detective met Tourette syndroom als hoofdpersoon zijn overgenomen, verder is het een volledig van de werkelijkheid losgezongen aanklacht tegen een maniakale en moorddadige Robert Moses, gespeeld door een zich ‘Moses Randolph’ noemende Alec Baldwin. Meer dan veertig jaar arbeid in publieke dienst, met als resultaat meer dan 800 parken, een tiental nieuw aangelegde stranden, duizenden sociale woningen, duizend kilometer snelweg, twee wereldtentoonstellingen en meer, wordt samengevat teruggebracht tot een soort woningbouwschandaal, een verwaarloosde broer en een buitenechtelijke (dubbel-etnische) dochter als resultaat van een racistisch verkrachting. Het is daarbij op z’n minst opmerkelijk dat, terwijl Moses beschuldigd werd het autoverkeer en de suburbanisatie onevenredig sterk te bevorderen, in de film alles per auto gaat en aan het eind (spoiler-alert!) de hoofdrolspeler zich met zijn interraciale love-interest uit de stad heeft teruggetrokken op het platteland.

Ik was benieuwd of Robert Caro ondertussen (na bijna vijftig jaar) al wat afstand genomen had van een aantal van zijn onthullingen en de daarop gebaseerde lastercampagnes, dus bezocht ik de tentoonstelling Turn Every Page over zijn net overgedragen archief (60 strekkende meter) in het gebouw van de New York Historical Society, las wat interviews en kocht het recent verschenen boek Working van Caro, dat in paperback de ondertitel van de hardcover Working; Researching, Interviewing, Writing moest missen. Het boek is een soort provisorische bibliografie die inzicht geeft in de manier van onderzoeken, interviewen en schrijven van Caro, maar toch kijk ik nog steeds uit naar een verbeterde editie van The Power Broker uit 1974 waar hij meer dan zeven jaar aan gewerkt had en wat hem behalve de Pulitzerprijs ook wereldfaam en financiële armslag opleverde, maar tegelijkertijd Robert Moses een bijna niet meer bij te stellen, soms extreem geformuleerde, negatieve rol in de ruimtelijke ontwikkeling van New York City. Eigenlijk zou al veel eerder, die, eventueel tweedelige, tweede editie hebben kunnen verschijnen waarin de, vanwege de lengte (één miljoen woorden) van het oorspronkelijke manuscript, vijf geschrapte hoofdstukken, worden opgenomen. Zo kunnen we meer weten over de rol van Moses bij het vertrek van de Brooklyn Dodgers, over de Port Authority, de City Planning Commission, over de Verrazano Narrow Bridge (waar Roberts vrouw Ina op zou promoveren) en over hoe Robert Caro over de rol van Jane Jacobs in het leven (en werk) van Robert Moses dacht. Iets waar nogal wat Jacobijnen veel waarde aan hechten, waarover ooit meer. Daarnaast blijf ik echter het meest benieuwd naar de manier waarop Robert Caro nu kijkt naar de manier waarop Moses zijn macht heeft gebruikt en naar de fysieke effecten ervan, al dan niet in relatie tot ‘human costs’. Ook zou ik willen weten hoe Caro reageert op kritiek op (onderdelen) van zijn werk. Het schijnt dat hij rond het 40-jarig jubileum van het boek begonnen is het opnieuw te lezen en te becommentariëren.

Maar voorlopig moeten we wachten op zo’n auto-geannoteerde uitgave. Wat jammer is want hij was in twee artikelen uit de jaren negentig (opgenomen als hoofdstukken in Working) nog niet ingegaan op de bevindingen van Joel Schwartz die in The New York Approach: Robert Moses, Urban Liberals and Redevelopment of the Inner City (1993) het werk (én de opvattingen) van Robert Moses nadrukkelijk plaatst in de traditie van de grootstedelijke hervormingen van de woonomgeving. En ook nergens kan ik iets vinden over Caro’s mening over de resultaten van de Long Island Conferentie Robert Moses and The Planned Environment in 1988 waar hij een tafelrede hield. De verschillende bijdrages, met soms zeer expliciete kritiek op Caro, werden verwerkt door Joann Krieg in een boek met de provocerende titel Robert Moses: Single-Minded Genius verschenen in 1989 en met aanvullingen herdrukt in 2000. Ook direct bij het verschijnen van The Power Broker in 1974 was er, naast een woedende, maar literair getoonzette, reactie van 23 pagina’s van Moses zelf, ook kritiek vanuit de professie van onder meer Richard Wade (één van de eerste academische schrijvers over stadsgeschiedenis) die het overvloedig gebruik van niet-wetenschappelijke en anonieme bronnen hekelde. Ook bekritiseerde hij het ontbreken van een historisch raamwerk waarbinnen het werk van Moses beter geplaatst zou kunnen worden dan door de nadruk te leggen op persoonlijke eigenschappen.

Kortom, bij het 50-jarige jubileum in 2024 zou een drastisch uitgebreide en gedeeltelijk herziene uitgave op zijn plaats zijn, waarin bijvoorbeeld via een beredeneerde en geactualiseerde bibliografie ingegaan wordt op de sinds 1974 verschenen nieuwe informatie en veranderde gezichtspunten. Tegen die tijd zullen, hoop ik, de controverses over het racistisch gehalte van Moses beslecht zijn, hoe moeilijk dat ook lijkt bij conflicterende meningen over feitelijkheden. Wanneer die tweede editie te omvangrijk wordt is er paradoxaal ook ruimte voor een nieuwe samenvatting naast de 4-delige samenvatting (met illustraties van Saul Steinberg) die voorafgaand aan de publicatie in 1974 in The New Yorker verscheen en (voor abonnees) digitaal nog in te zien is. Voor wie daar niet op wil wachten, of het sowieso al te veel is kan voor € 2,99 het Ebook A Joosr Guide to The Power Broker by Robert Caro: Robert Moses and the Fall of New York uit 2016 aanschaffen waar in minder dan twintig paginaatjes door het leven van Robert Moses en het boek van Robert Caro wordt gegaan. Iets uitgebreider is op de webside van Professor Nerdster een Summary & Analysis of The Power Broker (2020) te vinden waarin elk hoofdstuk afzonderlijk samenvat wordt: https://professornerdster.com/robert-moses-the-power-broker-notes-on-an-epic-pulitzer-prize-winning-book/ . Voor degene die meer visueel ingesteld is (en nog makkelijker mee wil kunnen praten) is er het beeldverhaal van Pierre Christin & Olivier Balez Robert Moses, le maître caché de New York uit 2014, datzelfde jaar ook in het Nederlands, Duits en Italiaans verschenen als Robert Moses, de man die New York bouwde, respectievelijk Robert Moses, Der Mann, der New York erfand en Robert Moses. Il signore segreto di New York. In 2015 verscheen het in het Engels en Spaans: Robert Moses, The Master Builder of New York City en Robert Moses, el maestro olvidado de Nueva York en in 2020 in het Pools Robert Moses, Ukryty władca Nowego Jorku.

Het zou intussen ook aardig geweest zijn wanneer er al een gidsje uitgekomen was waarin de meest kenmerkende gebouwen, wegen, bruggen, parken en stranden worden gelokaliseerd. Nu kwam ik, op weg naar een tentoonstelling, tamelijk toevallig in het Flushing Meadows-Corona Park (no pun intented), één van de meest kenmerkende parken van Moses en de locatie van de 1939 New York World Fair. De ronde  sciencefictionachtige observatieplatforms van de wereldtentoonstelling van 1964 fungeren in de film Men in Black als landingsplaats voor intergalactische vliegende schotels.

Op de terugvlucht keek ik eerst of ik die film kon terugzien, maar ik koos toch voor het net uitgekomen In The Heights, een vrolijke Amerikaanse musicalfilm, onder regie van John Chu gebaseerd op het gelijknamige boek van Quiara Alegría Hudes dat uitging van een Broadwaymusical van Hudes and Lin-Manuel Miranda en op locatie (Washington Heights) is opgenomen. Een van de meest memorabele scenes (“96.000!!”) is een aanstekelijk hip hop-waterballet in de Highbridge Pool, één van Moses’ grootste zwembaden. Ook hier wordt hem verweten racistische oogmerken gehad te hebben, net als bij de toegang tot zijn stranden. Ironisch genoeg kregen de makers van dit Latijns-Amerikaanse cinematisch spektakel (waarin geen blanke/witte een rol heeft) het verwijt dat de donkerder afro-latino leden van de lokale gemeenschap onvoldoende in beeld zijn gebracht. Racisme in relatie tot kunst, architectuur en ruimtelijke ordening is niet zo eenvoudig te benoemen, laat staan aan te pakken. Helemaal niet wanneer het gaat over zaken die in het verleden mogelijk gespeeld hebben. Maar gelukkig is er in het heden op dit terrein nog genoeg te doen.