Ik zoek een stedebouwkundige of planoloog Meer informatie


De omgevallen boekenkast | Amsterdam

1 maart 2017 Blog

Door: Tjerk Ruimschotel

Toen ik weer eens mijn boekenverlanglijstje aan het actualiseren was vroeg mijn vrouw mij, enigszins retorisch, of ik eigenlijk niet genoeg boeken had; a. in het algemeen en b. in het bijzonder wat betreft architectuur, stedebouw en planologie. En ook of het nog wel nodig was boeken te blijven vergaren over plaatsen waar we ooit gewoond hadden en/of over steden en landen die we ooit bezocht hadden. Omdat ze misschien wel een punt had, ben ik eens gaan inventariseren wat ik al in de boekenkast had staan, me pas later realiserend dat daardoor de recensie van Zef Hemels Pleidooi voor de Metropool een maand uitgesteld zou worden. Maar omdat ik, alfabetisch werkend, met Amsterdam begon kon dat werk ook mede daarvoor gebruikt worden.

…Wel ben ik de gelukkige en trotse bezitter van de originele twee delen van het iconische Algemeen Uitbreidingsplan; Grondslagen voor de stedebouwkundige ontwikkeling van Amsterdam uit 1934…

Enigszins afhankelijk van de gehanteerde criteria telde ik op ruim drie strekkende meter boekenplank rond de 150 publicaties over de ‘ruimtelijke geschiedenis van een wonderbaarlijke stad’ zoals de ondertitel luidt van 1000 jaar Amsterdam van Fred Feddes van 5 jaar geleden. Een boek dat ik, bleek, (nog) niet had.

1000 jaar amsterdam Fred Feddes

Fred Feddes, 2012

Wel ben ik de gelukkige en trotse bezitter van de originele twee delen van het iconische Algemeen Uitbreidingsplan; Grondslagen voor de stedebouwkundige ontwikkeling van Amsterdam uit 1934. Naast dit modernistisch meesterwerk heb ik ook de kloeke publicatie van het, tijdens de bezetting samengestelde, traditionalistische tegenplan uit 1946: Bouwen van woning tot stad; eenige aspecten van den stedebouw, het woningbedrijf, de woningarchitectuur, de woningplattegrond en de technische voorzieningen van de woning, alsmede van verschillende daarmede samenhangende onderwerpen, toegelicht met een aantal teekeningen van studieonderwerpen en bouwplannen door de architecten Zandstra, Giesen en Sijmons, ir A. Boeken, A. Komter, Arthur Staal, S. van Woerden.

…Het is, mij althans, niet helemaal duidelijk waarom zijn boek wel steeds vermeld wordt in bibliografieën, maar zijn plankritiek op ontwerp én realisatie nergens aangehaald, bevestigd of weersproken wordt…

Omdat dit alternatief uitbreidingsvoorstel voor een stadsbeëindiging in de vorm van een nieuwe half-concentrische grachtengordel nooit aangenomen is en het AUP wel, heb ik in de boekenkast uit 1986 de jubileumuitgave van de Amsterdamse Raad voor de Stedebouw getiteld Algemeen Uitbreidingsplan Amsterdam 50 jaar. Alsook het proefschrift uit 1976 Delegatie bij planvoorbereiding; een kritische nabeschouwing over het Algemeen Uitbreidingsplan voor Amsterdam 1935 van ambtelijk planoloog W. J. Bruyn, één van de ideologen van de omstreden (want ultrarechts-nationalistische) Centrumpartij uit de jaren 80 en auteur van enkele racistische publicaties, zoals het Recht op Apartheid (1965). Zijn proefschrift echter is zeer de moeite waard, zeker gezien de huidige kritiek op top-down planning en op het gebrek aan grootstedelijke ambities. Het is, mij althans, niet helemaal duidelijk waarom zijn boek wel steeds vermeld wordt in bibliografieën, maar zijn plankritiek op ontwerp én realisatie nergens aangehaald, bevestigd of weersproken wordt. Zelfs niet in de uitvoerige handelseditie van het proefschrift uit 1991 van Vincent van Rossum: Het Algemeen Uitbreidingsplan; geschiedenis en ontwerp verschenen in 1993 als deel 2 in de vierdelige serie Cornelis van Eesteren, architect-urbanist onder redactie van de onlangs overleden emeritus-hoogleraar architectuurgeschiedenis Manfred Bock.

Ondanks dat het werk van Van Eesteren aan het AUP, met name aan de plankaart en de vogelvluchten, als artistiek product wordt gezien, gaat het in de tekst van Van Rossum wel af en toe over stedebouwkundige ontwerpoverwegingen, maar toch vooral over het ambtelijke plan- en bestuurlijke besluitvormingsproces. Net als bij de overige proefschriften uit de Amsterdamsectie van mijn boekenkast: Amsterdam in aanleg, planvorming en dagelijks handelen 1850-1900 (1989), De machinerie van de stad; stadsbestuur als idee en praktijk, Nederland en Amsterdam 1900-1940 (2009) en Oog voor het onzichtbare; 50 jaar structuurplanning in Amsterdam 1955-2005 (1994) van respectievelijk Arnold van der Valk, Stephan Couperus en Guido Wallagh.

…De boekenkast bekijkend zijn er behalve Amsterdam als stedelijk kunstwerk nog vele werken, die weer opnieuw gelezen moeten worden, zoals het architektuurcahier/sunschrift 167 Van Berlage tot Bijlmer van Wouter Bolte en Johan Meijer (1981)…

Ook de publicaties van de gemeente zelf bevatten nauwelijks stedebouwkundige analyses of evaluaties; zowel in 1975 (Amsterdam, stedebouwkundige ontwikkeling; ontstaan, ruimtelijke ontwikkeling, structuur vormgeving), 1983 (De ruimtelijke ordening in Amsterdam, ontstaan ontwikkeling) als in 1994 (Nooit voltooid, de ruimtelijke ordening in Amsterdam) wordt de ontwikkeling van de stad beschreven in een tamelijk lineair chronologisch overzicht.

atlas amsterdam

Chris Dijkstra, Miranda Reitsma en Alies Rommerts, 1999

Pas vlak voor de millenniumwisseling (1999) verscheen op initiatief van en begeleid door de dienst Ruimtelijke Ordening de Atlas Amsterdam, samengesteld (en getekend!) door Chris Dijkstra, Miranda Reitsma en Alies Rommerts. Hierin wordt op lucide wijze de historische ontwikkeling van de stad in de regio verbeeld binnen enkele karakteristieke fasen en onderzocht op aspecten van landschap, netwerken en stadsvorm en vervolgens geïllustreerd aan de hand van stedelijke fragmenten en herstructureringsopgaves. De Atlas Amsterdam is daarmee een mooi vervolg en aanvulling op, wat zelfs na 40 jaar, nog steeds het enige boek is waarin de resultaten van de ruimtelijke veranderingen in de fysieke structuur van de stad op vormaspecten wordt geanalyseerd, namelijk de publicatie Amsterdam als stedelijk bouwwerk, een morfologische analyse (1985) van Casper van der Hoeven en Jos Louwe, waarin zij verslag doen van het vooronderzoek ten behoeve van hun afstudeerontwerpen.

Amsterdam als stedelijk bouwwerk Casper van der Hoeven Jos Louwe

Casper van der Hoeven & Jos Louwe, 1985  

De boekenkast bekijkend zijn er behalve Amsterdam als stedelijk kunstwerk nog vele werken, die weer opnieuw gelezen moeten worden, zoals het architektuurcahier/sunschrift 167 Van Berlage tot Bijlmer van Wouter Bolte en Johan Meijer (1981). Zelfs zijn er enkele nog steeds in cellofaan verpakte boeken die nodig uitgepakt moeten worden, zoals de lijvige dissertatie uit 2010 van Jaap Evert Abrahamse: De grote uitleg van Amsterdam; stadsontwikkeling in de zeventiende eeuw.

De Grote Uitleg van Amsterdam Jaap Evert Abrahamse

Jaap Evert Abrahamse, 2010

Wat Amsterdam betreft heeft mijn vrouw dus vooralsnog en jammer genoeg geen ongelijk en heb ik een moratorium op de aanschaf van Amsterdam-boeken ingesteld. Gelukkig mag ik, mede door Freek, Arjen en de film De Stille Beving nog wel boeken over Het Noorden, Groningen Stad & Ommeland, over stedebouw -in-krimpgebieden en over aardbeving-bestendig bouwen kopen.